[wpgmappity id="3"]

De provincie hoofdstad van Toamasina is gelijknamig maar staat beter bekend als Tamatave. Het is de tweede stad en tevens belangrijkste haven van Madagascar. Tijdens de koloniale dagen is het opgezet als vakantieoord en het is nog steeds een populaire bestemming voor welvarend Madagascar. Ondanks het zichtbare verval van de koloniale gebouwen ademt het nog altijd de dynamiek van een belangrijke stad en wordt er op de boulevard aan het witte strand wordt volop geflaneerd.

Er zijn twee musea die u kunt bezoeken. Het museum bij de haven en het universiteitsmuseum. U kunt ook een dagje naar het Ivoloina Park gaan aan de noord kant van de stad en tussen de lemuren doorlopen, wandelen door het park met haar uitbundige vegetatie en zelf een duik nemen bij de waterval. Ook kunt u ervoor kiezen de palmplantage ten zuiden van de stad te bezoeken. Hier wordt zeep gemaakt van palmolie.

Een toerist over Tamatave:

De boulevard van Tamatave
Centre Lambahoany in Tamatave, de grote havenstad aan de Indische Oceaan in het oosten van het land, is een oase van rust na de chaotische hoofdstad Antananarivo, inspannende junglereizen en lange, vaak niet echt comfortabele, taxi brousse reizen. In Centre Lambahoany hoef je niks. Je kan er lekker lang lummelen, koffieën en borrelen. De stad, Tamatave, is niet fotgeniek en staat vaak zeer summier in reisgidsen beschreven en laten ze dat vooral zo houden. Vooral als je er een paar dagen verblijft is de stad komt er een heerlijke loomheid over je, tijdens de wandelingen langs de aveneus in de wijk die aan de oceaan ligt. Hoogtepunt is een biertje, frisje of brochette op de boulevard. Hier zit je tussen de Malgash en lijken de toeristen ver weg. Er staan iedere dag stoeltjes en tafeltjes langs de boulevard, maar vooral zondag lijkt alsof heel Tamatave naar zee trekt om daar te verpozen. Het hele strand is bezaaid met tentjes waar de families neerstrijken om wat te eten en te drinken. Een zondag aan de oceaan moet je gezien hebben.